Rechten voor pleegkinderen
Zorg voor het pleegkind is zorg voor de samenleving.
Dr. A.M. Weterings & Mr. F.A. van de Reijt. | Nederlands | 240 pagina's
Op de dag van verschijnen in huis hebben? Reserveer dan nu bij Boekenwereld:
Bekijk alvast de eerste bladzijdes:Inkijkexemplaar
38,95
Voeg dit boek toe aan je winkelwagen en reken veilig en betrouwbaar af. Op 28-5-2026 ontvang je het boek in huis.
Veilig betalen met:
Een kind zal uit huis moeten worden geplaatst als zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd en de gegeven ondersteuning aan het gezin onvoldoende verbetering heeft kunnen bewerkstelligen in de manier waarop de ouder zijn kind zorg en aandacht gaf. Om in die situatie effectief beleid te kunnen voeren is een kinderbeschermingsmaatregel noodzakelijk: de kinderrechter spreekt een ondertoezichtstelling uit met daarbij een machtiging tot uithuis- en pleeggezinplaatsing. Van belang is dat kind, ouder en pleegouder niet lang in onzekerheid gelaten worden over de vraag bij wie het kind zal opgroeien.
Hiertoe is het PBM, Pedagogisch Beslis-Model voor (terugplaatsing van) pleegkinderen (0-11 jaar), ontwikkeld door dr.A.M.Weterings. Het Pedagogisch Beslis-Model houdt in: een intensief terugplaatsingstraject middels begeleid bezoek van het kind bij zijn ouder thuis, een dag per week gedurende een half jaar. Het PBM-terugplaatsings-onderzoek is in vrijwel alle zaken uitgevoerd door dezelfde ambulant hulpverleenster van de Pleegzorgaanbieder Sterk Huis in Goirle, Brabant, bij 80 pleegkinderen, hun ouders en pleegouders, in de jaren 2011 tot begin 2019.
Gebleken is dat binnen 4 à 6 maanden duidelijkheid verkregen wordt over de vraag of het kind wel of niet teruggeplaatst kan worden bij zijn ouder. De advies-rapporten (Taxatie van de Opvoedings-Situatie) zijn geschreven door een van kind, ouder en pleegouders onafhankelijke beoordelaar (dr.A.M.Weterings).
Beschreven worden ook de rol van de kinderrechter, de taak van de GI, gecertificeerde instelling voor kinderbescherming, en de taak van de Pleegzorgaanbieder.
Aan de orde komen eveneens: het ontbreken van medezeggenschap van pleegouders in het beleid inzake hun pleegkind en het ontbreken van medezeggenschap van de Pleegzorgaanbieder inzake het te voeren beleid ten behoeve van het kind en zijn ouders.
Casusbeschrijvingen verhelderen de gegeven beleidsadviezen.
Als men de bevindingen in dit boek bestudeert biedt het handvatten voor een compleet besluitvormingsproces inzake wel of geen terugplaatsing van een pleegkind bij zijn ouder in een half jaar tijd.
Dr. A.M. Weterings heeft 50 jaar onderzoek gedaan binnen de justitiële pleegzorg, onder meer met 25 jaar subsidie, ontvangen van het Kinderpostzegelfonds. Zij heeft ook, op verzoek van de advocaat van pleegouders, veelvuldig advies uitgebracht aan rechtbanken over al dan niet terugplaatsen van pleegkinderen, en is enkele keren benoemd als Bijzondere Curator (artikel 1:250 BW).
Mr. F.A. van der Reijt was 25 jaar werkzaam in de advocatuur. Van 1995-2010 was hij kinderrechter. Het belang van het kind heeft in zijn uitspraken steeds voorop gestaan. Zijn juridische kennis en ervaring als kinderrechter heeft het mogelijk gemaakt om de pedagogische bevindingen in dit boek juridische hanteerbaar te maken.
Lees alvast een fragment van het boek:Inkijkexemplaar
Specificaties
Betrokkenen
- Auteur(s)Dr. A.M. Weterings, Mr. F.A. van de Reijt.
- UitgeverijSWP, Uitgeverij B.V.
- ImprintSWP, Uitgeverij B.V.

